Wandelen

Wandelen in de bergen is een leuke doch inspannende bezigheid. De uitzichten zijn schitterend en om te genieten van deze uitzichten hoef je geen ervaren alpinist te zijn. Bergwandelen is voor iedereen weggelegd, mits je maar rekening houdt met een aantal basisprincipes.
Een van deze principes is dat je goed voorbereid aan een tocht begint. Want wandelen in het vlakke land is niet te vergelijken met het wandelen in de bergen. Een belangrijk voorbeeld hiervan is de te lopen afstand. In Nederland wordt de afstand in kilometers aangegeven. De gemiddelde mens loopt 5 kilometer per uur. Zo kun je gemakkelijk berekenen of een traject geschikt is voor iemand en hoe lang je erover gaat lopen. Trajecten in de bergen zijn echter niet in kilometers aangegeven, maar in uren. En meestal zijn die uren berekend op ervaren bergwandelaars zodat je er toch nog enige tijd extra voor moet bijrekenen.

Zelf kun je ook uitrekenen hoelang je over een bergtocht zal doen mits je een gebiedskaart van de te lopen tocht bij je hebt (ga nooit zonder wandelkaart van het gebied op stap; een wandelkaart heeft een schaal van 1:25000).

In de bergen stijg je ongeveer 300 tot 400 meter per uur, dalen daarentegen gaat sneller, per uur daal je zo'n 500 tot 600 meter. Deze tijden zijn uiteraard exclusief pauzes en fotostops.

Tijdens het lopen verlies je ook veel vocht, dit moet allemaal aangevuld worden, dus neem per persoon voldoende drinken mee (zelf neem ik altijd minimaal 1,5 liter mee, maar ik ben wel een grootverbruiker wat frisdrank betreft). Een liter per persoon is vaak voldoende, dit hangt natuurlijk ook af van het traject dat gelopen wordt. Stijgen is veel inspannender dan afdalen, maar het afdalen belast je knieën veel meer. Ook voldoende eten is van belang, want je verbruikt veel energie. Voedsel dat voldoende koolhydraten, zout en suiker bevat is van belang om mee te nemen.

Voordat je een tocht gaat maken, moet je rekening houden met de hoogte en de zwaarte van een tocht. Iemand die nog niet geacclimatiseerd is kan beter eerst een paar lichte dagtochten maken. Het acclimatiseren (= de aanpassing van het lichaam aan de hoogte en vooral de ijlere lucht) duurt ongeveer drie dagen voor een hoogte van 2000 meter. Het lichaam heeft ongeveer vijf dagen nodig om te wennen aan hoogten van zo'n 3000 meter. Echter dit verschilt per persoon. Acclimatiseren doe je door veel te stijgen tijdens een tocht en vervolgens weer te dalen om 'laag' te overnachten.

Neem ook voldoende (warme) kleding mee. Ook al is het weer nog zo mooi, in de bergen kan het weer snel omslaan. Hierdoor is het noodzakelijk dat je altijd regenkleding en een warme kleding bij je hebt. Zie voor meer informatie: uitrusting.

Bij het wandelen in de bergen is het belangrijk dat je een goede looptechniek ontwikkeld. Dit houdt vooral in dat je de hele voet gebruikt bij het lopen (afwikkelen). Goed lopen houdt niet in dat je ook snel moet lopen. In de bergen geldt "hardlopers zijn doodlopers." Dit houdt in dat als je snel gaat lopen in de bergen dat je zeer snel je krachten hebt verbruikt. Beter is het om een rustige, langzame tred te houden. Dit kun je gemakkelijk lang volhouden en dit kost ook minder energie. Kleine stappen zijn ook van belang bij het afdalen, ook al ben je nog zo geneigd om grote stappen te nemen, kleine stappen waarbij je door de knieën veert is bij het dalen veel beter voor de gewrichten dan het nemen van grote stappen. Neem ook geen afstekers!! Dit is niet alleen zeer slecht voor de natuur (erosie), maar ook slecht voor je knieën (bij het afdalen) en voor je krachten. Het lijkt vooral bij het stijgen sneller, maar het kost zeer veel kracht, die je later op de tocht nog zeker nodig zult hebben. Voor het gebruik van skistokken is er meer informatie bij: skistokken.

Ook van belang is het goed insmeren met zonnebrandcrème (hoge factor). In de bergen is de zon feller en bovendien weerkaatst de sneeuw het zonlicht ook nog eens. Hierdoor verbrand je zeer snel als je niet genoeg voorzorgsmaatregelen neemt. Het dragen van een pet (ter bescherming van de hoofdhuid) en het dragen van een zonnebril is daarom van groot belang.

Terug