|
|
Op 13 januari pakken we (=Erik en Berry) de auto vol om onder een waterig
zonnetje de reis te aanvaarden richting Thann. De route gaat (als vanouds)
via Luik, Luxemburg, Metz, Nancy en Epinal, en rond 4 uur in de middag
arriveren we ter plekke. De keuze voor Thann was ingegeven door een
internet-reisverslag van
Margriet Lautenbach,
waarin een hutje aldaar werd
omschreven als "groot, rond, plexiglas ramen rondom en een smeulend vuurtje
in het midden". Dat klonk natuurlijk perfect als eerste overnachtingsplek.
En zo lopen we aan het eind van de middag bepakt en be(rug-)zakt in noordelijke richting de bossen in. Na enkele kilometers komen we langs een huis, met veel auto’s voor de deur. Zut, de boswachterswoning! We hebben niet de illusie dat 2 wandelaars met rugzak onopgemerkt zullen blijven, maar doen gewoon alsof er niets aan de hand is... We nemen het eerste smalle, steile pad dat we kunnen vinden, weg van het berijdbare pad waar de boswachter ons achterna zou kunnen komen.
We besluiten de hut niet te gebruiken vanavond, en als de auto helemaal niet meer te horen is, klimmen we tegen de berg omhoog op zoek naar een plekje waar we niet gevonden kunnen worden. Uiteindelijk vinden we een vlakke, open plek in het bos. Etenstijd! Het is windstil en het vriest hooguit een paar graden, dus besluiten we de tent niet op te zetten, maar lekker in de open lucht te overnachten. Onder de kraakheldere sterrenhemel slapen we vervolgens snel in. |